verhipvoorlesbos – deel 1

Na mijn koude nacht van donderdag op vrijdag en mijn gedachten die afdwaalden naar mensen in nog veel koudere tentjes, ging ik op vrijdagochtend naar Kara Tepe. Dit is het vluchtelingenkamp voor de meest kwetsbare mensen; veelal families met kinderen en zieken. Alles wat ik daar zag ademende de filosofie van humane opvang, waarin de waardigheid van de mensen voorop staat. Alleen al het taalgebruik: geen kamp, maar dorp en geen vluchteling, maar inwoner. Mensen wonen in een soort containerbox, geen tent. Met behulp van zonne-energie is er stroom. Ze krijgen eten uitgereikt aan de deur en hoeven daarvoor niet in rijen. Ik ben onder de indruk van de inspanningen van Movement On The Ground en alle andere organisaties die hier actief zijn. Ik ontmoette daar de mensen van de lokale gemeente die dit dorp mogelijk maken en ik sprak met andere organisaties die zich inzetten voor een menswaardige opvang van mensen op de vlucht.

Ik liep door het dorp en er heerste een gemoedelijke sfeer. De zon scheen en mensen zaten buiten, kinderen speelden op een speeltuintje. Even waande ik me op een soort camping, maar al gauw werden de contrasten daarmee goed duidelijk. Ik liep rond en ging op zoek naar families met hele kleine kindjes. Ik had een aantal verhip pakjes in mijn tas gestopt om te kunnen doorgeven. Al snel zag ik een vrouw op de grond zitten met een baby’tje in haar armen. Ik ging naar haar toe en met mijn gebrekkige Arabisch kon ik contact maken. Ze vertelde me dat het een jongetje was, net een maand oud. Hij had geen luier om, was in een dekentje gewikkeld. Ik pakte wat kleertjes uit mijn tas en gaf ook het kaartje dat de familie in Nederland voor hen had geschreven. Ze pakte het dankbaar aan en gaf haar zoontje aan mij.

Ik keek naar dit kleine prachtige mannetje, zag zijn ingevallen wangetjes. Hij was een maand oud, maar mijn dochter was zelfs bij haar geboorte voller dan hij. Opeens dacht ik terug aan het moment dat ik na mijn verlof terug aan het werk ging en mijn melkproductie terugliep. Wat was ik daar toen verdrietig over, want ik wilde mijn dochter zeker zes maanden borstvoeding geven. Ik bedacht me dat de melkproductie van deze mevrouw ook best kan lijden onder alle stress die ze moet doorstaan en al heeft moeten doorstaan. En aan alle andere dingen die zij haar zoon wil geven, maar door de situatie niet kan geven. Ik gaf het jongetje terug aan zijn mama en nam met een brok in mijn keel afscheid. Toen ik de hoek om was kwamen mijn tranen. Dit kan dan nog zo’n humane opvang zijn, maar wat blijft het ongelooflijk verdrietig…

Niet snel daarna zag ik weer een familie: vader, moeder, twee kinderen en een baby. Ik gaf ook dit jongetje verhip kleertjes. De familie wilde heel graag met me praten en liep met mij het dorp door op zoek naar iemand die kon vertalen. Intussen probeerden de moeder en ik alvast een gesprek aan te knopen met wat gebarentaal. Ze maakte me duidelijk dat haar zoontje was geboren met een keizersnee, hier in Mytilini. Ik liet haar een foto van mijn dochter zien en maakte met gebaren duidelijk dat zij ook via een keizersnee ter wereld kwam. Zonder woorden schepte het een band. Eenmaal met de tolk erbij vroeg de moeder waar mijn dochter was en ik antwoordde dat ze in Nederland was met haar papa. Zowaar draaiden de rollen even om en had ze met mij te doen; ik was namelijk niet samen met mijn familie. Ze vertelden dat ze uit Syrië kwamen en ik vertelde wat ik kwam doen. Ze waren ontzettend dankbaar dat we de moeite namen om hun situatie te zien en iets voor hen te doen. Al gauw kwamen er andere moeders met baby’s en zwangere vrouwen waaraan ik nog meer pakjes kon doorgeven.

Ik had graag voor jullie allemaal een foto gemaakt om te laten zien waar het pakje van jullie kindje terecht is gekomen. Tegelijkertijd past dat niet altijd bij een waardige benadering van deze mensen. Deze familie wilde graag met me op de foto (ik deelde hem eerder), maar bij vele anderen voelde het ongepast om het te vragen en stond het persoonlijke contact met hen voorop. Bovendien kan een foto voor sommige mensen in het kader van hun veiligheid bezwaarlijk zijn. Ik kan jullie met heel mijn hart zeggen dat de kleertjes enorm goed terechtkomen. Daarover later meer, want hier bleef het natuurlijk niet bij. Na Kara Tepe ging ik namelijk naar Moria, het kamp waar de omstandigheden in schril contrast staan met wat ik hier had gezien…

PS. Wil je meer lezen over de innovatieve aanpak van stichting Movement On The Ground? Lees dan het artikel met Johnny de Mol dat nu in Vrij Nederland staat:
https://www.vn.nl/de-dynamiek-van-eenvluchtelingenkamp-lij…/

Foto van fotografe Marieke Odekerken

 

Geef een reactie